Omgang |
||
Ik geef een daad de naam verlies
en brand mijn tong aan toevoer
toch staat het woord te boek
als levenslang begaanbaar.
![]()
1.
Wij zijn niet meer
te achterhalen, men
heeft ons ingehaald
ooit wilden we
in samenspel nog delen
waar nu de hoon ons voedt
wij zijn niet langer
aan het woord,
men heeft ons verzaakt.
2.
En toch, alles
ligt in onze
vormloze hand
de deur heiligt
mijn gang
tot thuiskomst
en buiten
adem ik mij
bij goden te gast.
![]()
Hij is zo zwaar
zijn buik
verteert ons lijden
aan buitenwaarts bestaan.
![]()
De vlucht heeft hem
zijn naam genomen al
werd hij nooit genoemd
het bracht hem oude
bossen en beraad op
al wat leeft ten offer
de strijd gaat voort
vroeger kreet wordt
nu verwoord in wit
op elke vraag
liegt hij zijn
ware antwoord.
![]()
Als dichters kiekjes maken
woorden als vertier
wie biedt het leven pen
van verweer, trouwens
waar kun je met gerust
hart slapen
als dichters kiekjes maken
woorden als verwaand.
![]()