Alfabetisme |
||
Het is als de man
die graag tennist en
in andermans zwemmen
zijn slag niet herkent.
![]()
Wijs mij de plaats
waar ik mezelf doe geloven
in het woord als wet
waar voorbeelden
niet tellen
twijfel niet lokt
waar ik alleen
sta voor de almacht
van keuze
wijs mij de plaats
waar ik voortdurend
word gelofte.
![]()
Men smaalt om later
inzicht en moeilijk
doenerij
maar vergeet dat
eerst gelouterd men
zijn jeugd verliest
als opa nog in leven
blijkt en lacht
om vele vragen.
![]()
Niets dan waarheid beoogt
het gewekte woord
de rest is echo van
overdaad.
![]()
Dwaal zo vaak ik
keus beproef
zoekt twijfel
heil
alles waant zich
hartelijk
- wie betrapt mij
op mijn houding.
![]()
1.
Klaagzang is ten eind
nu toevoegsel heeft afgedaan
wat blijft is ongebroken
kreet
vullen van de ruimte
legen van de leegte
met niets dan pijn
of lafenis, liefde.
2.
Iets echter graag de mooie
vorm voor elk herkenbaar
klinkt al te zeer getoonzet
als heldendaad die niet
geschreeuwd wordt dan gewild
verwoord in een gezegde.
![]()
Hij noemt geen waarheden
stelt enkel wandaad aan de kaak
en eigen opgetogen droefenis
al vraagt hij om vertier geboeid
wordt hij alleen door wat hem tart
de rest is afzet tegen flikflooi
waarachtig leeft men hard
hij is het woord dat zich weert
een draaikont op te stijve stoelen.
![]()
Iedereen bezet
vrienden verspreid
opa dood
discussie nihil
allen tekort
velen te veel
eentje te weinig
alles vergeefs.
![]()