ARMOE

OM

INNERING

OMSTANDIGHEDEN

SLAGWERK

VANZELF

NAMIDDAG

BELEVING

DOENDE

 

 

ARMOE

Ik ben de dans nog lang niet

moe van luxe en vertier

 

hoe zou ik ook met zoveel

voordeel aangeboden

 

mij kleinbedeelde

stemt het dankbaar

 

dat ik jou ken vechtersbaas

en dat wij vrienden zijn

 

zoals vogels of

kinderen dat kunnen

 

voor brood en ander ongedesemd

voer heb ik een vaste plaats

 

maar in mijn buik wiegt met mij mee

heelhuids een steen van armoe.

 

OM

Hoog tijd om plekken te bezoeken

weer snuffelend aan wonderen

 

zoals ik opging eerst aan onverhoedse

blikken en gebaren zelfs op stenen

 

van een mensenstad ben ik het zat

te teren op de waarheid

 

van hiernaast dwalen

vele lachers huizenhoog

 

dan mag glimlachend

ik best een straatje om.

 

INNERING

Is hij toch het spel verleerd

dat hem deed bonzen

rakelings en vogels

bindt aan aarde

 

stem die sterren vangt

bevuild van stropen

woord dat lokroept

witte verten.

 

OMSTANDIGHEDEN

Wij gaan de tijd uit de weg

om ons aan gevaar niet te meten

schrijven wij ons honderduit schoon

en dunken ons duizendmaal beter

 

dan bavianen van de nacht

die klinkend bomen bepissen

en mensen vanachter

van tekens voorzien

 

zij hurken in stegen waar

‘s morgens de walm hangt

van rieken en tasten naar

leefbare omgang

 

wij echter wijken bekwaam

en meten ons niet aan gevaren

wij spreken ons ongekend beter

maar zouden beter bedaren.

 

SLAGWERK

Hele hele lange lussen

daartussen

trekt zij tinkelend

 

matrijnen

ergens achteraf

golven

 

hamerhanden slag op slag

duizendvoudig

klinkt de galm

 

van werken

krast de toon van

inspanning

 

doorsnijdt

ruimte van pure

aandacht.

 

VANZELF

Dat dagen groter worden rijk aan nootmuskaat

en jouw buik graf wordt voor het koren graf is

 

van het veld jij korrelzoon dat adem verre

reizen maakt in vreemde talen herkenbaar

 

wordt als hoofden draaien handen wenken

water danst en boten zwenken alles

 

op commando alles

eerder dan het al te grage denken.

 

NAMIDDAG

Regen waargenomen,

verwaterd gepeins.

 

BELEVING

De kerkklok die daar luidt

doet gelovigen vermoeden

 

in braaf beloofde beterschap

prevelt zich bestaan

 

mijn bekwaam beleefde inkeer

laat bij uittocht mij niet loven

 

lieden die op mensen lijken

goden die niet huiswaarts gaan.

 

DOENDE

Wij hebben allen ons vertrek

van glas en lood bamboe

baksteen geld of alcohol

 

geëigend om te werken aan

te reizen naar te dromen

van iets anders

 

geen nieuwe kleding maar

tijdbewerking kale diepgang

een toverwoord als werkelijk.

Naar begin van reeksNaar bovenNaarvervolg van reeks