Slangenvogel |
||
Ik weet van niets vooraf
is er geen enkel teken
niets zegt hier hoe
wij delen in dood.
![]()
Elk afzonderlijk leeft trots van zijn vel
genietend onder de felle zon
rekbaarheid en reikwijdte van honger
onafwendbaar in het oog.
![]()
De een had juist een boodschap afgeleverd
bij een verre neef in het hooggebergte
even ten zuiden van de vaste winterroute
de ander begaf zich schuifelend op weg
naar zijn hol onder het gewas waar kroost
hem wachtte en waar de voorraad lag
de boom waarop de ene neerstreek
keek niet veemd van zo’n gezel
het gras dat voor de ander week
verdroeg gedwee zijn dansen
de aarde deed haar werk
de hemelen zuchtten
alles had zijn voorval zo
ieder zijn verloop.
![]()
Samen zijn wij eeuwenoud
bevangen in het kijken
elk jachtig oog staart
vol belang naar buiten
en treft het met elkaar
wij zijn ons innig verteerbaar.
![]()
Nu telt enkel
aandacht
oog
voor de ander
niets
aan de hand
zolang niets zich
roert.
![]()
Natuurlijk gaat dit duren
eerst moet er stilte groeien
tot ruimte heerst rondom
vervaagt de omtrek traag
in zuigend ademen nu drijft
de wil voorgoed zijn kracht
naar wie daar wacht te krommen
om zulk gedreven zijn.
![]()
Ga nu maar mee
alle keus is jou
ontnomen kijk
achter je de veel
te vele wegen
voor je kaal
de stenen grond
luister nu maar
naar je adem en wees
dankbaar om dit zicht
deze lichtval uit
verleden schenkt
doortocht aan jouw
duurzaamheid.
![]()
Eerst beweegt iets onverwachts
de boom
dan schampt een poot langs
kiezel
en treft
de huid die duizendvoudig
kronkelt
heel zijn bek gesperd in weerwil
van het weten dat dit
verloren gaan
dienst moet doen voor
mededier.
![]()
Alles gaat
in stof
teloor
veer om
vel om vlees
om vacht
wordt hier
van wacht
gewisseld.
![]()
Ten dode brekend ziet het oog
wat steeds ontbrak bij leven
vredig vredig vredig
onze wentelende aard.
![]()