Bebouwing |
||
Waar wij ooit hutten bouwden
tot onneembare vesting
aan het einde van de haag
wacht jou hier dit huis
van eeuwenoude gewoontes
wakend over de valkuil.
![]()
In mijn hoge houten kamer
vang ik stemmen op
van wie voorbij
gaat al die tijd
in grilligste teugen
een eigenwijze kaars.
![]()
Stilaan wordt het helder
hoorbaar dit zwijgen
oefent eigenheid
met klank alles
komt weerloos op drift
als de wind
teruggekeerd
van de wolkenjacht
om hier zich te verliezen.
![]()
Door het ruime venster
schijnt een warme
winterzon waarin jij
op het zachte vloerkleed
verwerkelijkt
wat je liefst van al
zou willen: een paleis
zonder ramen en met
vaste muur waarvan
de ingang
alleen bekend is
aan de inwoners en jou
die hier welkom bent
natuurlijk
als enige echte eigenaar.
![]()
Alle beelden vallen in het niet
nu jij je waargenomen weet
in hartstreek van verlangen.
![]()
De opdrachtgever heeft ons
een plan gevraagd
heel begrijpelijk dus
stuur ik hem dit stilleven met stoel.
![]()
De dingen zijn gedwee
aanwezig trap deuren hout
en volop lucht
om vlam te steken
in de haard van dit vertrek
zijn mensen nodig
hoor
hoe zich verheft
ijlste zang.
![]()
Ook Picasso nam hier plaats
op het schone stort
als Babylonisch afval
loopgraaf van verstomde fronten.
![]()
Geen kunst geen raam
een kale muur
kapstok voor wimpers
kookplaat voor de ziel.
![]()
1.
Wij dat zijn voortdurend jij
en ik zolang
wie meedoet is
gewaarschuwd
wij worden anderen
in dit huis.
2.
Wie woont hier niet
wij zitten allen na ons werk
aan tafel om van honger
niet te sterven dan
slaap je in
en bezit geen rechtsgrond
want volgende dag
blijkt iemand verdwenen.
![]()
Deze trap leidt niet
naar boven of
beneden op
zijn treden volgt
geen slaapvertrek
of onderaards gewelf
alles wat hier
klimt en daalt
lijdt als het streeft
vergeefse moeite.
![]()
Vroeger bewoonden wij
café’s en werden groot
op kurk en kruk
vroeg men ons
voorlopig jong te blijven
bezoekers trokken ons
te gast aan tafel
om kaart te spelen
toe te zien op vals spel
drank geroep en misbaar
maar dat is ‘s zondags
als elders alles stil ligt
te bekomen van de brute
wensen die door de week
als zaad zijn rondgestrooid.
![]()
Er komt een brug in zicht
vaste bodem boven zand
net genoeg begaanbaar
om gedierte niet te plagen
aandachtig je te wagen
aan een vreemde overtocht.
![]()
Wat wij hier bouwen is drijvend
vlot op onderaards gedrang
de vaart die ons stuwt is traag
als lava verzengend
wat vormt van deze kracht
de koers op alle dure intrumenten?
![]()
Elk gebaar bijvoorbeeld
dat ik brood bak nu
en kijk in de spiegel
die vraagt om begrip
de ongekuiste appel
die het kind verleidt tot
een vlucht met zijn
nachtdier naar sterren
het denken aan niets
dat deelneemt aan schepping
in de vorm van een huis
dat beweegt door het al.
![]()
Jouw zijn is
levensvatbaar nu
als haargroei
in een huid van voorval
goed doorbloed
met spraakzame onwil.
![]()
Niets raakt af ooit
want nooit werd begonnen
eindeloos spoor zonder aanvang
zegt het lachend levensoord.
![]()