|
ROLLEN |
POSITIE |
PERS. |
UITLEG |
|
Sprong-rol ver |
Staan |
3/4/5 |
Dwars over naast elkaar liggende partners heen springend rollen. |
|
Kantelen |
Zitten op billen |
1 |
Met zwaartepunt-gevoel via heffen van voorste been achterover kantelen; in heupschroef benen wisselen en terug kantelen tot zit; maak een compacte soepele beweging. |
|
Steunrol |
Staan |
2 |
Partner zit dwars op knieën en ellebogen; rollen over diens rug met kraaggreep en schouder-houvast. |
|
Sprong-rol hoog |
Staan |
2 |
Over gebukt staande partner heen springend rollen. |
|
Grondrol voorwaarts |
Zitten op knieën |
1 |
Met een steunhand en een rolhand voorover buigend contact zoeken met grond, iets diagonaal schroevend; dan bekken heffen en been heffen (hak naar bil) tot kantelen voorwaarts. |
|
Grondrol achterwaarts |
Zitten op billen |
1 |
Als kantelen, maar nu doorrollen over schouder waar hoge knie naar wijst. |
|
Schroefrol |
Staan |
1 |
Achteruit leunen en stappen terwijl voorste arm naar buiten wordt geleid (interne schroef in arm en heup); tenkani en mae ukemi. |
|
Zijwaarts vallen |
Staan |
1 |
Yoko ukemi. |
|
Achterwaartse rol |
Staan |
1 |
Ushiro ukemi. |
|
Wapen-rol |
Staan |
1 |
Rollen voor- en achterwaarts met wapen in hand (jo of bokken). |
|
Rol averechts |
Staan |
1 |
Rechts voorstaand over linkerarm rollen en vice versa. |
|
Vrije val |
Staan |
1 |
Tobi ukemi. |
|
Voorwaartse rol |
Staan |
1 |
Mae ukemi. |
|
Handstand-rol |
Staan op handen |
1/2 |
Eventueel met hulp van partner op handen staan; dan voorwaarts zakken tot rol. |